Fragment uit het boek ‘Ton Bouchier’,
tekst: Rudy Hodel
Het werk van Ton Bouchier gaat niet over een ander, maar gaat in de eerste plaats over hem zelf en z'n relatie tot de wereld. En omdat zijn wereld niet wezenlijk van onze wereld verschilt, herkennen wij moeiteloos de situaties die hij ons schildert. Het verborgen leed, het kleine verdriet, geborgenheid, teleurstelling, wachten, staan, zitten, slapen, denken. Het zijn geen wereldschokkende dingen, maar wel zaken die ons dagelijks, kleinburgerlijke leven bepalen en letterlijk kleur geven.
Zijn werk gaat op een meesterlijke wijze over de condition humaine, het menselijke bestaan. Dit klinkt nogal breedsprakerig, maar wie een gloeiend schilderij over de teleurstelling van een bord soep zonder balletjes kan maken, heeft deze lof wel verdiend.
Vergeleken met vroeger zijn de figuren van Ton Bouchier niet wezenlijk veranderd. Nog steeds schildert hij geen portretten naar het leven, maar herinneringsbeelden, fantomen, dromen of verschijningen uit het (nabije) verleden. Ton Bouchier is een schilder van de onvoltooid verleden tijd. (‘Er was eens’.) Maar vergeleken met de vroegere bunkerschilderijen zijn de thema's veel minder dramatisch of direct existentialistisch geworden.
Hetzelde geldt ook voor zijn handschrift dat door de jaren heen minder beweeglijk, rustiger en exacter is geworden. Zijn stijl heeft in de afgelopen jaren veel aan precisie gewonnen, waardoor het grote gebaaar steeds overbodiger is geworden en hij steeds beter in staat is de meest basale emotie en het kleinste voorval op een overtuigende wijze te verbeelden.
From the book ‘Ton Bouchier’,
text: Rudy Hodel
The work of Ton Bouchier is not about somebody else, but in the first place about himself and his relationship with the world. And because his world does not differ fundamentally from our world, we effortlessly recognize the situations his paints us. The concealed grief, the small distresses, security, disappointment, silence, waiting, standing, sitting, sleeping, thinking. They are not world-shaking events, but they are things which decide and give colour to our daily, lower-middle class life.
In a masterly way, his work deals with the condition humaine, the existence of the human being. This sounds quite wordy, but someone who can make a glowing painting about the disappointment over a plate of soup without balls earns this praise.
Compared with the past, the figures of Ton Bouchier have not changed fundamentally. Still he does not paint portraits to life, but recollection-images, phantoms, dreams or appearances from the (nearby) past. Ton Bouchier is a painter of the imperfect past tense (‘Once there was’.) But compared with the earlier bunker paintings, his themes have become much less dramatic or immediate existentialistic. The same thing applies for his handwriting which has become less movable, quieter and more precise throughout the years. His style has gained a lot in precision in the past years so that the great gesture has become more and more redundant and he is more and more capable to picture the most basal emotion and the smallest incident in a convincing way.